Geplaatst in Derajeur oktober 2018

Sinds ons vorige bericht in de Derajeur van juni hebben we niet stil gezeten. De hele route is op de fiets verkend en geschikte pauzeplaatsen zijn gemarkeerd. Tijd dus om een kleine impressie te geven van wat je volgend jaar kan verwachten.

Toen we in 2004 naar Alpe d’Huez gingen, zijn we op zaterdag vertrokken. Omdat we deze keer op vrijdag vertrekken hebben we een dag langer en de gemiddelde dagafstand kunnen beperken tot zo’n 135 km. Daar staat wel tegenover dat er weinig echt vlakke etappes zijn. De eerste etappe is met 168 km gelijk de langste. Valkenburg is weer de etappeplaats. Maak het daar ’s avonds niet te laat, want de tweede etappe wordt een pittige met 163 km en regelmatig een portie klimwerk. Voor wie dat niet genoeg is hebben we ook nog wat fraaie extra klimmetjes geselecteerd. Gelukkig zitten er ook genoeg herstelmomenten in. We volgen bijvoorbeeld een strak geasfalteerde fietsroute over een oude spoorbaan en volgen ook de oevers van de Our tot waar die in de Sauer uitkomt. En laat daar nu net ons hotel staan in het lieflijke Wallendorf.

Het eerste deel van de derde etappe (139 km) geeft je gelegenheid nog wat bij te komen: we volgen achtereenvolgens de oevers van de Sauer, de Mosel en de Saar. Aan de rust komt abrupt een einde als we Saarburg gepasseerd zijn. Gelukkig loopt de steile klim uit het dal van de Saar over een prachtig weggetje. Daarna blijft de route wat glooien tot aan het hotel in Saint-Avold. De vierde etappe (140 km) lijkt in een aantal opzichten op de derde. We beginnen met een wat vlakker deel, al fiets je nu tussen de meertjes door. Daarna weer wat meer klimwerk. Wel anders is de ligging van het hotel: midden in het centrum van Saint-Dié-des-Vosges. Op de vijfde dag (116 km) doorkruisen we de Vogezen. Dat klinkt zwaarder dan het is. De hoogtemeters zijn vergelijkbaar met de vorige 2 dagen, maar nu zitten ze gebundeld in 3 niet al te lastige, wat langere beklimmingen. Bekendste daarvan is de Ballon d’Alsace. Voor wie het aandurft is de extra lus over de Route des Crêtes een aanrader. Zeker met helder weer.

Vanuit Belfort zetten we op dag zes (131 km) koers richting de Jura, met uiteraard weer wat klimwerk. Overnachten doen we in de Jeugdherberg van Pontarlier. Mentaal verjongd, beginnen we aan de zevende etappe (109 km), die zich geheel in de Jura afspeelt. Je blijft de eerste 70 km aardig op hoogte en daalt vervolgens naar de voet van de enige serieuze klim van de dag (ruim 9 km a 5%). Daarna volgt nog een afdaling naar Oyonnax. Kortom een mooie dag om wat bij te komen. Of voor een extra lusje natuurlijk, maar ook als je daar voor kiest wordt je niet al te zwaar op de proef gesteld. Heel anders is dat op de voorlaatste fietsdag (135 km). Eerst verlaten we de Jura met flink klimmen en dalen. Dan rijdt je langs het meer van Annecy over een mooi, breed fietspad naar de eerste alpencol, de makkelijke Col de Tamié (12 km, 4%). Na de afdaling naar Albertville volgt nog een klein klimmetje naar het fraai gelegen Conflans, waar we overachten in La Citadelle.

Op zaterdag (115 km, exclusief de afdaling naar het hotel) gaan we dan eindelijk op weg naar Alpe-d’Huez. Je rijdt over de Col du Glandon naar het stuwmeer bij Allemont. Vandaar gaat het via Villard-Reculas naar Huez, om van daar uit de laatste kilometers van de fameuze klim naar Alpe d’Huez te doen. Je kunt er ook voor kiezen om de officiële route via Le Bourg-d’Oisans te volgen, maar dan moet je wel over de drukke weg Grenoble-Briançon. Binnenkort zullen we de routes op de website zetten.

Wat zit er verder nog aan te komen? Vanaf nu zullen we regelmatig een nieuwsbrief sturen aan alle deelnemers. Daarin o.a. meer over een informatieavond in november, tips voor de door ons aangeraden medische keuring en het te trainingsweekend in april.